Dag 20 - 'Lac Rose', Dakar!
Wat een genot, dat bed in de bungalow op camping Zebrabar. Alle 3 heerlijk en vast geslapen. We worden alleen bruut gewekt door harde mokerslagen in de verte. Het is Daan, die met de hulp van een paar locals de ‘operatie draagarm’ voltooit. We gaan even kijken en zien hoe ze de inmiddels rechtgeslagen draagarm weer dichtlassen en tot slot weer monteren op de 2CV. Zo, die is weer klaar voor vertrek! Daan glimt er helemaal van.

Net als de rest nemen we het ervan; eerst uitgebreid douchen, dan lekker ontbijten met koffie en stokbrood en met hernieuwde energie wandelen we nog wat over de camping. Zebrabar ligt op een soort schiereiland, echt heel mooi. Het beklimmen van de uitzichttoren op het restaurant is zeer de moeite waard: het panorama is adembenemend. Onze gids, John, meldt vervolgens dat we moeten wachten op de douane voor we kunnen vertrekken; die zullen ons weer escorteren.
Om 14:00u is de douanier gearriveerd en vertrekken we naar Dakar. We zien Senegal voor het eerst bij daglicht vanuit de auto: wat een prachtig land! Het verschil met Mauritanië is groot; op meerdere vlakken. Zo zijn de wegen goed, voorzien van witte strepen en overal staan verkeersborden langs de weg - en marktkraampjes. De vrouwen in de kramen zijn vrolijk en mooi gekleed en iedereen is bézig. Waar de mensen in Mauritanië over het algemeen de hele dag staan te staan (of zitten te zitten..), zijn de mensen hier allemaal “druk” met iets. Wij ervaren het als een verademing, al begrijpen we natuurlijk dat hier allerlei schrijnende economische en menselijke redenen aan ten grondslag liggen.

Op de eerste kruising vanaf de camping stoppen we; Bas neemt plaats op het dak van Q om plaats te maken voor de douanier, die vandaag met ons meerijdt. Nog geen kilometer verder worden we al aangehouden door de politie: Bas moet van het dak af. Hij stapt in bij Daan, in de Eend. Ook dat is anders dan in Mauritanië, waar de politie je alleen aanhoudt om te bedelen om ‘cadeaus’. Ze zullen daar nooit optreden of bekeuren. In Senegal zien we bijna geen paard en wagen op de rijweg. De mensen gebruiken de paden naast de weg, die zich rondom de baobab-bomen slingeren. Wat zijn die trouwens gaaf zeg, en grOOt!
In konvooi rijden we met zo’n 80km/u naar Dakar. Dan haalt Paul ons in op de motor en vertelt dat de sleepkabel van de Pajero is gebroken. We stoppen om op ze te wachten, maar binnen een paar minuten komen beide auto’s ons alweer voorbij gescheurd; de kabel is aan elkaar geknoopt en daarmee voorlopig gerepareerd. Dus rijden wij ook weer door, in de volle overtuiging dat we de Pajero met een paar kilometer wel weer in zullen halen. Maar bij de eerstvolgende kruising, waar we rechtsaf moeten: geen Pajero. We hopen maar dat zij op hun eigen houtje de goede kant op zijn gegaan en rijden door. Maar de douanier wordt nerveus; hij begint te bellen en schreeuwt in zijn GSM. Het zal allemaal wel..
Zo’n 50km voor Dakar roept de douanier ineens dat we rechtsaf moeten. Helaas net ná de afslag, dus we stoppen om te keren. Er staan allemaal fruitkraampjes langs de weg en onmiddellijk worden we belaagd door een heleboel dames die ons vers fruit aanbieden; heerlijk. Dan keren we en rijden een echte gatenweg op. Hmmm, ze hebben ze dus wel in Senegal, slechte wegen.. Het wordt alweer donker en we klikken de 4 resterende Bosch-lampen aan om de gaten zoveel mogelijk te omzeilen. Nog geen spoor van de Pajero. Na 15km over de gatenweg stuurt de douanier ons linksaf, een nog slechter zandpad op. Wij beginnen ons vertwijfeld af te vragen of we eigenlijk nog wel onderweg zijn naar Dakar. Dan wordt de douanier weer gebeld. Hij vertelt dat de Pajero verderop is opgevangen door onze gids, die met Harm en Norbert vooruitgereden was. Gelukkig; we zijn weer compleet. Het is een raar stel, deze Groningse Dukes.. Waarom nou niet gewoon even wachten op de rest, vragen wij ons hardop per bakkie af. Uit de bak klinkt hun reactie: “Er gaat niets boven Groningen!”. Wij zijn er wel klaar mee, dus Bas reageert geïrriteerd: “Dan moet je daar lekker blijven!”.
Een kwartier later rijden we het terrein van camping Lac Rose op. In het restaurant nemen we het ervan. Het eten smaakt prima en er zijn flessen bier in overvloed. Een paar gasten neemt na het eten een duik in het zwembad en tot diep in de nacht vieren we dat we in 20 dagen Dakar bereikt hebben. Na een uitgebreid feestje gaan we lekker slapen; weer een heerlijk bed in een bungalow op het terrein. Nu eerst even rust, en dan door naar Banjul, Gambia!