Dag 7 - Van Agadir naar Laâyoune
Met drie man in een tent van 2 bij 2.40 is best gezellig; redelijk uitgerust staan we om 7:30u op om de zooi in te pakken, snel te douchen en de auto nog even na te kijken. Q krijgt steeds meer moeite om stationair te draaien en dat is op doorgaande wegen niet zo’n probleem, maar in de steden toch wel lastig.
Met een slangetje het stationairprobleem fixen blijkt helaas niet te lukken, maar dat komt dan wel op de rustdag. En ons probleem valt redelijk in het niet bij de problemen van het team in een Volvo 740 station: net na vertrek uit Marrakech vliegt hun motor tot twee keer toe in brand en de computer en de complete bedrading gaan in rook op. De Volvo is door een ander team op sleeptouw genomen naar Agadir en vandaag proberen ze de auto weer aan de praat te krijgen. Wij zijn als één van de laatsten om 9:45u vertrokken van de camping in Agadir voor een dagtrip van zo’n 700km, zuidwaards langs de kust naar Laâyoune.

Onderweg zie je het landschap met de minuut veranderen. Vanaf Adagir komen we steeds meer in het zand terecht. De weg is lang en eindeloos en het is opvallend hoeveel mensen je tussen de steden en dorpen tegenkomt: er is niets behalve zand en toch wonen en leven hier Marokkanen. Om 14:00u geeft Leo in de Cherokee aan dat zijn motortemperatuur te hoog wordt. Het euvel is door Bas snel verholpen als hij de aansturing van de radiatorventilator kortsluit. Snel weer verder, op weg naar Tan Tan. Daar aangekomen zien we eigenlijk voor het eerst de Atlantische Oceaan. We rollen de auto’s rustig het strand op. De zee is best koud en de enorme wind vanuit het land (zeker windkracht 6) maakt het eigenlijk best onaangenaam.

Op de weg van Tan Tan naar Laâyoune rijden we langs de rotskust. Prachtig werkelijk. We stoppen even bij een lokale visser die vanaf de rotsen met zijn hengel 30 meter lager in de zee een vis probeert te vangen. Net op het moment dat de zon wegzakt en wij weer vertrekken, arriveert een groep van zeven Challengers. Ook zij willen daar van het uitzicht genieten.
Als de donkerte invalt kan je zeggen dat we nu echt in het grote zandbakavontuur beland zijn. Voor, achter, links of rechts - waar je ook kijkt.. alleen maar zand. Door de harde wind liggen er op het asfalt, vaak onverwacht, zandhopen. Wij rijden met onze lampen voorop en vlak voor Laâyoune moeten we vol in de remmen: een kudde Camels op de weg. Wat een gaaf gezicht is dat. Ze stinken wel, die beesten

Om 22:00u komen we aan in Laâyoune: de dagetappe van 700km zit erop. We vinden een hotel waar ook de VN gebruik van maakt, onderhandelen wat over de prijs en checken in. Er wordt nog speciaal voor ons wat eten bereid en op de kamer nemen we nog een afzakker, want om 24.00u is Dietwin jarig en daar moet natuurlijk op gedronken worden. Maar niet te veel, want morgen wordt wederom een lange rit; we gaan Dakhla, de tweede officiële verzamelplaats waar we ook een rustdag zullen doorbrengen alvorens we de grens met Mauritanië oversteken.
Index dagboek